artikelen index / bibliotheekindex

Przewalski, Nikolaj Michajlowicz


Tussen de ezels en lama's komen we in de dierentuin steevast het przewalskipaard tegen. In 1879 werd dit paard ontdekt en in 1881 werd de ontdekking officiëel beschreven. De laatste zeven wilde paarden werden in 1968 nog op de grens tussen Mongolië en China gezien. Het paard, beroemd vanwege zijn naam, werd een echt dierentuin-dier. Uitgebreid wordt dit paard beschreven in The Chant of Paradise, the Antwerp Zoo: 150 years of history door R.Baetens (Lannoo Tielt, 1993), een glossy boek in folio-formaat dat tot voor kort nog in de ramsh lag.  

De naam achter dit paard is de botanische ontdekkingsreiziger N.M.Przewalski (1839-1888). In 1863 hielp hij als militair de Russen een Poolse opstand te onderdrukken. In 1867 werd hij overgeplaatst naar Oost Siberië, waar hij naast zijn destructieve beroep zoölogische vondsten deed en zo'n 200 plantensoorten verzamelde die nu te vinden zijn in het herbarium van de botanische tuin van St.Petersburg. Zijn eerste reis op eigen kosten was tussen 1870 en 1873. Vanaf de Russische grens tot Peking deed hij er zes weken over. Zijn tweede reis waarin hij de beroemde paarden zag, begon in 1876. Hij maakte nog een derde en vierde reis tussen respectievelijk 1897-1880 en 1883-1885. Uitgebreid wordt Przewalski behandeld in de tweedelige History of botanical discoveries in China door E.Bretschneider (1898). Naast bekende plantenjagers en ontdekkingsreizigers als Sir Joseph D.Hooker, J.Decaisne, Père Delavay en C.Maximowicz, waarvan we de namen steeds weer zien opduiken in de soortnamen van tuinplanten is Przewalskii minder bekend gebleven in tuinkringen omdat hij vooral veel kruidachtige planten ontdekte die wij in tuinen niet toepassen. Wel komt zijn naam bij een aantal gewassen voor in de soortnaam als Rosa przewalskii, een rode roos, verzameld mei 1880 op de Djakhar-berg. En verder (om er enkele te noemen): Delphinium, Ligularia, Saxifraga, Salvia, Sedum, Rhododendron en Gentiana. Allium przewalskianum kwam al snel in cultuur. Ook ontdekte hij een lekkere rabarberplant, waarvan hij zaad zond. In heel Europa werden de afstammelingen hiervan verspreid. Het plantengeslacht Przewalskia, gevonden in NO Tibet op 14.500 voet hoogte op 31 mei 1884, ben ik nog bij geen enkele kweker tegengekomen.

IJdeltuiten noemden vaak planten naar zichzelf. Vaak blijkt de plant al eerder te zijn beschreven en volgens het prioriteitsbeginsel in de De Internationale Code van Botanische Nomenclatuur (ICBN) is het de eerste naamgever die telt. Uiteraard zijn er uitzonderingen gemaakt. In de regel is de naam die later werd gegeven niet geldig en kan alleen als synoniem worden vermeld. Van de voornoemde plantengeslachten met przewalskii als soortnaam ben ik alleen Salvia en Ligularia tegengekomen in Nederlandse kwekerscatalogi. Op de vijfde reis naar Centraal Azië, waarvoor hij van de keizer 80.000 roebel meekreeg, vertrok in augustus 1888 en overleed hij op de 20e oktober, nog voor de grens met China was overgestoken. Bij keizerlijk decreet werd besloten de stad Karakol om te dopen in Przewalsk. In de Alexander-tuin in St.Petersburg werd in 1892 een monument opgericht van zijn buste met aan de voet van de sokkel een liggende kameel. Het was de bedoeling rond dit monument door Przewalski geïntroduceerde vondsten te planten.

 

Misschien leidt dit artikel ertoe een thematuin op te richten naar aanleiding van plantenexpedities door Przewalski of andere beroemdheden. Nu tuinieren op kleur, wat na de aanleg van de beroemde witte tuin door Vita Sackville-West een grote vlucht nam weer tanende is, is het toe aan misschien wel thematuinen. Bijvoorbeeld naar werelddeel, landstreek, naar ontdekker, welke in de bijbel voorkwamen, planten die sinds een bepaalde tijd in cultuur zijn, waarmee magie werd bedreven, naar aanleiding van een bepaald kruidboek enz. Met wat moeite is in het tuinierdersvak nog heel wat uit te diepen. De groenwarenhuizen en hoveniersorganisaties vervlakken de tuincultuur, maar dankzij alle fijnkwekers is er de laatste jaren weer nuance en verdieping, waardoor de mogeliijkheden sterk zijn vergroot.

Klaas T. Noordhuis